Vruchtgebruik vs. naakte eigendom

Vruchtgebruik vs. naakte eigendom

Stel dat je man komt te overlijden. In zijn testament laat hij opmaken dat het huis naar jullie kinderen gaat, maar dat jij het vruchtgebruik hebt tot je zelf komt te overlijden. Allemaal heel fijn, maar wat houdt dat juist in?

Vruchtgebruik

Vruchtgebruik en naakte eigendom vormen samen de volle eigendom van zowel roerende als onroerende goederen. In het geval van onroerende goederen houdt het vruchtgebruik in dat je het recht hebt het onroerend goed te gebruiken zonder dat je de eigenaar bent. Vaak komt het er dan op neer dat je in het huis of appartement mag wonen zonder dat dit van jou is, je hebt dus het bewoningsrecht. Het is echter ruimer dan enkel het bewoningsrecht. De vruchtgebruiker mag eveneens beslissen het onroerend goed te verhuren, waarbij hij mag genieten van de huurgelden.

De vruchtgebruiker heeft niet enkel rechten, maar ook een aantal plichten. De belangrijkste hiervan is de instandhoudingsplicht. Dit betekent dat de vruchtgebruiker verplicht is het pand te onderhouden. Bovendien moet hij instaan voor de meeste herstellingen.

Naakte eigendom

Het naakte eigendom is van de naakte eigenaar. Hij is de eigenaar van het onroerend goed dat in vruchtgebruik is. Zijn rechten als eigenaar zijn deels aan banden gelegd: hij heeft niet het vrije genot en gebruik van het pand. Dit betekent dat hij er niet zelf mag wonen. Daarnaast mag hij niet de beslissing nemen het aan iemand te verhuren. Hierdoor zou de vruchtgebruiker namelijk het genot van het onroerend goed kwijtraken. Zolang het vruchtgebruik loopt mag de naakte eigenaar het onroerend goed enkel aan iemand wegschenken of verkopen. Het vruchtgebruik blijft echter geldig bij een nieuwe eigenaar. Bovendien mag je de naakte eigendom niet verkopen zonder de vruchtgebruiker op de hoogte te brengen.

Duurtijd van het vruchtgebruik

Vruchtgebruik komt meestal voor in erfkwesties. De duurtijd van het vruchtgebruik wordt meestal vastgelegd. Dit kan voor bepaalde duur zijn, maar ook voor onbepaalde duur. Het vruchtgebruik mag echter altijd maar maximum 30 jaar omvatten.

Het aflopen van het vruchtgebruik wordt ook wel eens het uitdoven van het vruchtgebruik genoemd. Hierbij wordt de naakte eigenaar automatisch volle eigenaar.

Het vruchtgebruik kan op verschillende manieren eindigen. Ten eerste kan er een vermenging optreden van vruchtgebruiker en volle eigenaar. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer de vruchtgebruiker de naakte eigendom overkoopt. Daarnaast komt het vruchtgebruik ten einde wanneer de vruchtgebruiker komt te overlijden. Uiteraard eindigt het eveneens wanneer de tijd waarvoor het vruchtgebruik werd opgesteld verstrijkt. Ten laatste is er nog de verjaring, waarbij de periode van vruchtgebruik afloopt van zodra er 30 jaar gepasseerd is.

Waardering van vruchtgebruik

Het bepalen van de waarde van het vruchtgebruik is belangrijk wil je problemen met de fiscus vermijden. Zo zal de fiscus bijvoorbeeld erfbelasting berekenen op basis van de waarde van het vruchtgebruik. Hiervoor gebruikt de fiscus omzettingstabellen die ieder jaar in het Belgisch Staatsblad verschijnen.

 Er zijn echter geen specifieke regels die gevolgd worden wanneer het directe belastingen op vruchtgebruik betreft. Dit wordt gebaseerd op de werkelijke economische waarde, bijvoorbeeld op de werkelijke huurgelden.

Heb je nog vragen over vruchtgebruik? Aarzel niet ons te contacteren!

Vruchtgebruik vs. naakte eigendom

Lees meer